Website At Polhuis


Psalm 67

Er is enige lef voor nodig in deze dagen deze psalm mee te zingen. Wie durft te zeggen dat God de volken in rechtmatigheid richt en de natiën in rechtmatigheid richt? Was dat maar waar! Dan zou ‘Joego-slavië’ eindigen; de schuldigen geoordeeld zijn. Is ‘Joego-slavië’ niet het zoveelste bewijs dat God niet bestaat?

We doen er goed aan deze vertwijfeling niet te snel met woorden weg te praten. Dan begrijpen we de psalmist niet. Hij kent de vertwijfeling en roept vanuit de aanvechting dat er in de werkelijkheid van Gods handelen niets te merken is. Wat voor velen voor de hand ligt doet hij niet: hij zweert God niet af. De wanhoop zou nog dieper worden. De feiten van ‘Joego-slavië’ hebben dan het laatste woord.

Vanuit de aanvechting roept hij God aan: wees ons genadig en zegen ons. Omdat hij gelooft in deze God die de volken in rechtmatigheid richt, heeft hij zich niet bij de feiten neergelegd. Hij blijft in de barre werkelijkheid zoeken naar bevrijdende uitwegen. Laat ons in dat werk niet alleen staan! Laat ons niet in de steek, maar zegen ons, roept hij tot God. Dan wordt ons werk effectief; op aarde zal men uw weg kennen.