Beleidsnotitie 3
In de Hervormde gemeente van Rotterdam-Zuid wordt op dit moment intensief gesproken over de toekomstige inrichting van de gemeente. Deze gesprekken vinden plaats op basis van onderstaande beleidsnotitie.
I. aanleiding voor de notitie
profielen
In beleidsnotitie 2 zijn voorstellen geformuleerd om de Hervormde gemeente in profielen te organiseren. Deze gedachte wordt door de wijkkerkenraden ondersteund, hoewel over de uitwerking van de profielen nog onduidelijkheid bestaat. Nog niet geheel helder is het voor ieder hoe de organisatievorm van de gemeente dan zal zijn. In deze notitie zal daar nader op ingegaan worden.
Belangrijker acht het Moderamen de opmerkingen die gemaakt zijn over de inhoud van de voorgestelde profielen: gereformeerde bond, confessioneel en oecumenisch. Daarbij werden vragen gesteld. Sluit deze indeling van de gemeente het beste aan bij de situatie van de gemeente? Verschillende wijkkerkenraden hadden ook vragen of de voorgestelde verdeling van de wijkgemeente over de profielen wel de juiste was.
Deze vragen en opmerkingen waren voor het moderamen van de AK aanleiding nog eens naar de beoogde profielen te kijken en de daarbij horende wijkgemeenten. In deze notitie treft u een nieuw voorstel aan.
gebouwen
In beleidsnotitie 2 wordt uitgegaan van drie profielen. Impliciet wordt ook uitgegaan van drie daarbij horende locaties. Van deze 3-3 formule blijft het Moderamen van de AK ook in deze beleidsnotitie uit gaan. Uit de beleidsnotitie 2 kan afgeleid worden, dat met de keuze voor de profielen ook gekozen wordt voor de kerkgebouwen. Deze koppeling acht het Moderamen van de AK voorbarig. Over de gebouwen dient een aparte discussie gevoerd te worden. In deze beleidsnotitie wordt ten aanzien van dit punt de koers uitgezet.
interne organisatie
Recent bleek bij de vorming van de AK voor 2005, dat verschillende wijkgemeenten nu of in de nabije toekomst niet meer in staat zijn aan de kerkordelijk minimaal voorgeschreven eisen te voldoen. Het gevaar is dan ook niet denkbeeldig dat de interne organisatie van de Centrale Gemeente dan in een zakt. Ook om die reden kiest het Moderamen er voor nu met een nieuwe beleidsnotitie te komen met daarin nieuwe voorstellen.
extern
Ondertussen is er op het beleidsproces binnen de gemeente ook druk van buitenaf komen te staan. Het Regionale College voor de Behandeling van Beheerszaken (RCBB) vraagt nadrukkelijk om een beleidsplan, waarin de gemeente aangeeft op welke wijze het grote tekort van de Centrale Gemeente aangepakt wordt. Het College is kerkordelijk bevoegd deze vragen te stellen en stelt deze vragen nu de gemeente toestemming gevraagd heeft een predikant te beroepen. Zonder deze toestemming kan er niet beroepen worden. Deze keer zal deze met de toelichting die gegeven is, nog wel gegeven worden. Bij ongewijzigd beleid zal dat de volgende keer niet meer het geval zijn. Dit betekent dat de Gemeente betrekkelijk korte tijd heeft de zaken op orde te brengen.
Gereformeerde kerken
In de reacties wordt ook gevraagd naar de betrokkenheid van de Gereformeerde Kerken bij dit beleidsproces. Besluiten die door de AK genomen worden hebben ook gevolgen voor Gereformeerde kerken die met een Hervormde wijkgemeente verbonden zijn. Het Moderamen onderkent dit punt.
Reeds geruime tijd geleden heeft het Moderamen het initiatief genomen de Gereformeerde Kerken op het grondgebied van de Hervormde gemeente uit te nodigen om gezamenlijk één Protestantse gemeente van Rotterdam-Zuid te vormen (brief oktober 2003). Binnen die nieuw te vormen gemeente zou dan het beleidsgesprek gevoerd moeten worden.
Op dit moment verkeert het overleg over dit voorstel binnen de Gereformeerde Kerken in het eindstadium. Het ziet er naar uit dat de vraag door de meeste Gereformeerde Kerken positief beantwoord zal worden. Indien dat het geval is, wordt het tot op heden in de Hervormde Gemeente gevoerde beleidsproces een gezamenlijk proces. Overigens zijn de Gereformeerde Kerken vanaf het begin op de hoogte gebracht van het binnen de Hervormde Gemeente tot op heden gevoerde gesprek.
De Gereformeerde Kerken gaan dan evenwel, net als nu de Hervormde wijkgemeenten, meepraten en in toenemende mate ook mee beslissen. Dit betekent dat in de voorstellen en procedures voldoende ruimte moet zijn voor een volwaardige inbreng van de Gereformeerde Kerken.
De in deze notitie aangegeven voorstellen en procedures hebben betrekking op de situatie binnen de Hervormde Gemeente. Hierboven is uiteen gezet dat er op de besluitvorming druk staat. Het Moderamen is zich er van bewust dat dit een complicerende factor is in het gesprek met de Gereformeerde Kerken. Samen beleid maken mag niet ten koste gaan van de binnen de Hervormde Gemeente noodzakelijk besluitvorming, terwijl er ruimte moet blijven bestaan om met elkaar beleid te formuleren.
Indien de Gereformeerde kerken definitief besluiten om samen met de Hervormde Gemeente te komen tot een Protestantse Gemeente van Rotterdam-Zuid zal naar het oordeel van het Moderamen als eerste stap deze notitie in de Gereformeerde kerken besproken kunnen worden. Nagegaan zal moet worden op welke punten nu reeds tot een gezamenlijke procedure en besluitvorming mogelijk is. Uiteindelijk zullen de gesprekken moeten leiden tot een gezamenlijke beleid voor de nieuw te vormen Protestantse gemeente van Rotterdam-Zuid.
Planning
De planning is er op gericht om voor 2007 helderheid te hebben over het te voeren beleid voor de toekomst. Dit betekent niet dat voor 2007 alle besluiten ten aanzien van de profielen en de gebouwen al uitgevoerd moeten zijn. Dat vraagt te veel van de gemeente en is ook niet nodig. Voor 2007 moet wel de koers voor ieder helder zijn. Het moderamen hoopt dat op die manier de periode van onzekerheid en lastige en pijnlijke beslissingen zo kort mogelijk blijft. Daarvoor is de inzet van de AK en de wijkkerkenraden hard nodig.
II. Profielen
algemeen
Uit de reacties van de hervormde wijkkerkenraden blijkt dat nog niet geheel helder is wat nu precies onder profielen verstaan wordt en wat de gevolgen er van zijn voor de kerkelijke organisatie. Daarover eerst een paar opmerkingen.
Onder profiel wordt een met elkaar samenhangend aantal activiteiten bedoeld, bepaald vanuit één duidelijke kern. In beleidsnotitie 2 is aangegeven dat gekozen is voor de kerkelijke/geestelijke kleur als bepalend voor het profiel. Bij dit model gaat het er om dat het profiel zo scherp mogelijk wordt. Om daarbij te helpen worden er aan de profielen ook kerkelijke werkers toegevoegd die tot taak hebben het profiel mede vorm te geven. Daarbij wordt niet alleen geacht aan de kerkelijke kleur, maar ook aan de uitstraling naar buiten.
De keuze voor ‘profiel’ betekent ook het loslaten van de territoriale begrenzing van wijkgemeenten. De invoering van het ‘profielen-model’ betekent, dat de Hervormde gemeente Rotterdam Zuid één gemeente wordt met één kerkenraad, waarbinnen drie profielen te onderscheiden zijn. Elk profiel heeft dus uitstraling naar de hele gemeente. Zoals in de vorige beleidsnotitie reeds gesteld is, zal aan de gemeenteleden gevraagd worden bij welk profiel zij zich willen aansluiten.
Om recht te doen aan de eigenheid van de profielen zal de kerkenraad drie secties kennen, waarin alle zaken die een profiel betreffen, worden geregeld.
evaluatie voorgestelde profielen
In beleidsnotitie 2 zijn de volgende drie profielen voorgesteld:
- Gereformeerde Bond Maranathawijkgemeente
- Confessioneel Charlois, Lombardijen
- Oecumenisch Pendrecht/Heijplaat, Vreewijk, Zuidwijk
Over de vorming van een GB-profiel bestaat, gelet op de reacties uit de wijkgemeenten, overeenstemming. Anders ligt dat bij de beide andere voorgestelde profielen. De beoogde partners voor de opbouw van het confessionele profiel geven aan dat zij in principe daartoe wel bereid zijn, maar dat er op dit moment nog hele grote verschillen bestaan.
Het oecumenische profiel riep ook veel vragen op. Onduidelijk is wat nu eigenlijk onder oecumenisch verstaan wordt. Daarnaast wordt de vraag gesteld of er voor dit profiel wel genoeg draagvlak in de gemeente aanwezig is. Voorgesteld wordt om in plaats van een oecumenisch profiel voor een evangelisch profiel te kiezen.
De reacties overziend en wegend, leek het het Moderamen zinvol te zoeken naar een indeling in profielen die meer draagvlak heeft en op kortere termijn gerealiseerd kan worden. De inschatting van het Moderamen is dat met name de vorming van een Confessioneel profiel, zoals geschetst in beleidsnotitie 2, gelet op de aangevoerde bezwaren, op korte termijn niet realistisch is. Daarom een nieuw voorstel.
voorstel profilering
Het moderamen stelt voor voor de volgende drie profielen te kiezen.
- Gereformeerde Bond
- Midden Orthodox
- Confessioneel/evangelisch
Het GB profiel spreekt voor zich. In feite functioneert dat reeds. Daarom alleen bij de beide andere profielen een korte toelichting.
Midden Orthodox
Charlois geeft in zijn reactie aan graag vorm te geven aan een vorm van citypastoraat. Daarmee geeft de kerkenraad aan in de profilering een accent te willen geven op de gerichtheid van de gemeente naar buiten. Daarmee neemt de wijkkerkenraad een belangrijk kenmerk van het beoogde oecumenische profiel over. Daarin gaat het immers om openheid naar de stadssamenleving en de daarbij horende vragen. Daarbij sluit het Moderamen in dit nieuwe voorstel aan door te kiezen voor dit profiel. Naar het oordeel van het Moderamen sluiten Pendrecht/Heijplaat, Vreewijk en Zuidwijk bij dit profiel aan. Dat blijkt ook uit de onlangs vastgestelde plaatselijke regelingen. Ook kerkelijk gezien lijken de verschillen tussen de thans bestaande wijkgemeenten overbrugbaar. Daarbij moet telkens bedacht worden dat gemeenteleden die zich niet in dit profiel kunnen vinden, de mogelijkheid hebben zich bij een ander profiel binnen de gemeente aan te sluiten. Deze opmerking geldt ook voor het Confessionele en Gereformeerde Bond profiel.
Confessioneel
In de reactie profileert Lombardijen zich nadrukkelijk als confessionele gemeente, waarbij de verschillen in ‘confessionaliteit’ tussen Lombardijen en Charlois door beide herkend en erkend worden. Hoewel het in dit geval om één bestaande wijkgemeente gaat, is het Moderamen van mening dat een confessioneel profiel wel degelijk past binnen de Hervormde gemeente. Het is immers heel goed mogelijk dat uit de andere bestaande wijkgemeenten, bij vorming van de profielen leden zich bij dit profiel zullen thuisvoelen. Daarom stelt het Moderamen een Confessioneel profiel voor.
Bij dit profiel zijn heel goed de vragen van de stadsevangelisatie onder te brengen. Het heeft dan ook de voorkeur van het Moderamen dat dit profiel met deze specialisatie ook een evangelische kleur krijgt.
uitwerking
Ten aanzien van de besluiten over de profielen stelt het Moderamen de volgende route voor:
a. vastgesteld wordt welke profielen voor de toekomstige Hervormde gemeente uitgewerkt worden
b. vastgesteld wordt welke wijkgemeenten welk profiel gaat uitwerken
c. vastgesteld wordt welke ‘extra’s’ aan welk profiel toegevoegd worden
Het Moderamen kiest voor deze fasering om de besluitvorming zo helder en inzichtelijk mogelijk te maken.
planning besluitvorming
Tijdens de (gezamenlijke) ambtsdragersvergadering in juni wordt het voorstel ten aanzien van de profielen besproken. Het geamendeerde voorstel wordt na bespreking in de wijkkerkenraden uiterlijk in december 2005 door de AK vastgesteld. Op dat moment is er helderheid over de profielen.
Daarna wordt aan de wijkkerkenraden/kerken gevraagd welk profiel zij mee willen uitwerken. De besluiten daarover zijn gepland voor de maart vergadering van de AK..
Daarna gaan de wijkkerkenraden/kerken of de door hen ingestelde werkgroepen aan de slag de profielen uit te werken. Bij die uitwerking behoort het ontwikkelen van voorstellen op welk punt het profiel nader ingevuld moet worden. Uitgangspunt is de hierboven beschreven voorkeur van het Moderamen. Beargumenteerd kunnen andere voorstellen gedaan worden. Het is de bedoeling dat de plannen eind 2006 gereed zijn.
III. Gebouwen
situatie
In deze beleidsnotitie wordt evenals in de vorige uitgegaan van maximaal drie kerkgebouwen die in de nabije toekomst financieel door de Hervormde gemeente onderhouden kunnen worden. Met de participerende Gereformeerde kerken dient overleg te zijn of en op welke wijze de bij hen in beheer zijnde gebouwen bij de vorming van het beleid betrokken worden. Afhankelijk van deze besluitvorming wordt in deze paragraaf uitsluitend over de “Hervormde” gebouwen gesproken. Indien de “Gereformeerde” gebouwen in de besluitvorming betrokken worden, verandert het plaatje ingrijpend. Op dat moment zal er aanvullend beleid geformuleerd worden.
De keuze voor drie genoemde profielen betekent niet automatisch een keus voor de kerkgebouwen die op dit moment door de wijkgemeenten Charlois, Lombardijen en Maranatha in gebruik zijn. Deze keus moet nog gemaakt worden. De beslissing moet nog vallen welk profiel in welk gebouw uitgewerkt gaat worden.
Dit betekent dat er een keus gemaakt zal moeten worden uit de volgende kerkgebouwen: Johanneskerk, Maranathakerk, Morgensterkerk, Open Hof en Oude Kerk. In deze notitie wordt uitgegaan van de verkoop van de Julianakerk en de Vredeskerk.
Bij deze keuze zijn een paar zaken van belang. De geschiktheid van het gebouw voor de beoogde profielen, de ligging van de gebouwen, de verkoopbaarheid en de exploitatie van de gebouwen. Bij de definitieve besluitvorming zijn zeker de ligging en de uitstraling van het gebouw van belang. Dat spreekt vanzelf in het ‘profielen-model’. Daarin gaat het immers om een zichtbare herkenbaarheid van de kerk in de stad.
Daarnaast is ook de exploiteerbaarheid van het gebouw belangrijk bij de besluitvorming. Er moet gestreefd worden naar een zodanige exploitatie dat de opbrengsten van het gebouw de kosten zo veel mogelijk dekken.
Aparte aandacht verdienen de bestaande bijgebouwen van de kerken: jeugd- en wijkgebouwen. Ook daarover zal besloten moeten worden. Het Moderamen stelt voor die besluiten te nemen nadat de besluiten over de profielen en de gebouwen genomen zijn. Het is immers heel goed mogelijk dat bijvoorbeeld profielen nog geruime tijd een dependance nodig hebben.
uitwerking
Ten aanzien van de besluiten over de gebouwen stelt het Moderamen de volgende route voor:
a. vastgesteld wordt welke gebouwen exploitabel zijn
b. vastgesteld wordt welk gebouw voldoende uitstraling heeft
c. vastgesteld wordt welk profiel binnen welk gebouw tot zijn recht kan komen
Met andere woorden en voor alle duidelijkheid. Het is dus heel goed mogelijk dat het GB profiel of één van de andere profielen in een ander kerkgebouw komt, dan nu het geval is.
planning besluitvorming
Aan de wijkgemeenten/wijkkerkrentmeesters wordt gevraagd in samenspraak met het College van Kerkrentmeesters een exploitatieprognose van het eigen kerkgebouw te maken. Deze prognose dient uiterlijk januari 2006 gereed te zijn.
Op basis van deze prognose schrijft het Moderamen na advies van het College van Kerkrentmeesters een voorstel voor de gebouwen. Dat voorstel wordt in de wijkgemeenten/profielen besproken. Dat proces wordt afgerond in de ambtsdragervergadering van juni 2006.
In het najaar van 2006 vindt dan de definitieve besluitvorming in de AK plaats.
IV. Na 2006?
Volgens de in deze notitie gegeven planning zijn eind 2006 de plannen ten aanzien van de profielen en de gebouwen bekend. Dan is er ook duidelijkheid over de wijze waarop de noodzakelijke bezuinigingen gerealiseerd zullen worden. Daarmee is dan voldaan aan de vraag die het RCBB aan de Hervormde Gemeente gesteld heeft.
Het is ook duidelijk dat na het vaststellen van het beleid de vraag nog beantwoord moet worden hoe het beoogde beleid ingevoerd wordt. Er dienen afspraken gemaakt te worden over de fasering van de invoering van de profielen en de afstoting van de gebouwen.
V. Alternatieven
De vraag kan opkomen of er voor het voorgesteld beleid geen alternatieven zijn en zo ja welke dat dan mogelijk zijn. De eerlijkheid gebiedt om te zeggen dat dat zo is. Daarom tot slot aandacht voor een mogelijk alternatief. Dat kan omschreven worden als het ‘kapelletjes-model’. Daaronder wordt het volgende verstaan. In Rotterdam-Zuid blijven, verspreid over het stadsdeel, kleine eenheden bestaan. Dat kunnen jeugd/wijkgebouwen zijn of andere locaties, waar (resten van) gemeenten bij elkaar komen.
Dit model heeft zeker voordelen. De kerk blijft dicht bij de ouder wordende gemeenteleden en ook kunnen de kosten aanzienlijk minder worden door de goedkopere exploitatie van de kleinere gebouwen.
Nadelen zijn er ook. De kerk verdwijnt in dit model letterlijk uit het gezicht van de stad. De versnippering leidt ook tot een versnippering van de predikantsplaatsen. Alle accent komt daardoor onvermijdelijk te liggen op het pastoraat. Ervan uitgaande dat ook in dit model maximaal drie predikantsplaatsen mogelijk blijven, levert dit model grote problemen op bij de preekvoorziening.
Het moderamen acht op dit moment de nadelen van dit model groter dan de voordelen. Ook een vergelijking van dit model met het ‘profielen-model’ valt naar het oordeel van het moderamen in het voordeel van het laatste uit. In het ‘profielen-model’ is de nabijheid bij de gemeenteleden zeker een nadeel, maar het grote voordeel blijft de zichtbaarheid in de stad en de maximale inzet van de bescheiden personele mogelijkheden, terwijl de kosten van het ‘profielen-model’ niet hoger zijn dan in het ‘kapelletjes-model’. Het genoemde nadeel van het ‘profielen-model’ kan bij een verstandige gefaseerde invoer voor een deel ondervangen worden. Zo is het mogelijk, zoals hierboven reeds is aangegeven, om nog gedurende een bepaalde periode onder vastgestelde voorwaarden ‘dependances’ aan te houden.
Een ander voordeel van het ‘profielen-model’is dat dit model de mogelijkheid in zich heeft van vernieuwing. Door de bundeling van de bescheiden krachten is het wellicht nog mogelijk in de komende jaren in Rotterdam-Zuid een kerkelijk vernieuwde presentie te ontwikkelen. Daar hecht het Moderamen zeer aan. Voorkomen moet worden dat er een sfeer ontstaat dat we als gemeente aan het afbouwen zijn. Die wordt meer door het ‘kapelletjes-model’opgeroepen dan door het ‘profielen-model’. De keuze voor het ‘profielen-model’ is ook een keus voor vernieuwing. Daarvoor is zeker ook pijnlijke afbraak nodig, maar uiteindelijk gaat het er om onze verantwoordelijkheid te nemen, opdat in dit stadsdeel krachtige kerkelijk kernen aanwezig blijven, met uitstraling naar de stad. Dat elan drijft ons: we gaan met elkaar opbouwen! Daarom de keus voor het ‘profielen-model’!
V. Tot slot
Van de gemeente en de wijkkerkenraden wordt de komende periode veel gevraagd. Het moderamen van de AK is zich dat terdege bewust. Het zou deze inspanning niet durven vragen als het niet overtuigd was van de noodzaak. Bovenal acht het Moderamen deze procedure noodzakelijk vanuit de verantwoordelijkheid die wij met elkaar als gemeente hebben om in de stad plaatsen te behouden waar mensen het Woord van God kunnen horen. Voor die uitdaging staan wij. In de hoop dat onze inspanningen gezegend zullen worden, bieden wij u deze voorstellen aan.
maart 2005
