Kroniek mei 2004
Aarzelend stelt zij haar vraag. Haar stem trilt van de spanning nog iets meer dan gewoonlijk. Niet zo verwonderlijk als je tegen de tachtig loopt. Ze heeft al langer willen vragen, maar het nooit goed gedurfd. Ze wist ook niet goed aan wie zij het vragen moest. Nu greep zij haar kans. Ze is lid van het wijkouderenplatform van Pendrecht en Zuidwijk. Dat platform praat met elkaar over de positie en de belangen van ouderen in de wijken. Elk jaar wordt het seizoen afgesloten met een excursie. Meestal is dat een bezoek aan een woonvoorziening voor ouderen, een verzorgingshuis of verpleeginstelling. Dit jaar is dat anders. Na een indringend gesprek eerder dit jaar over ‘buitenlanders’ en alle onrust in de wijk daarover, besloot het platform de excursie dit jaar te maken naar het Turks huis. Doorslag bij de besluit was de gedachte dat het platform er ook is voor de belangen van oudere ‘buitenlanders’ in de wijk. Door het bezoek aan het Turks huis hoopte men met deze groep in contact te komen.
Als ik op weg ga naar de bijeenkomst, merk ik dat ik gespannen ben. Zullen de leden van het Platform aanwezig zijn? Het zal toch niet gebeuren dat er maar een paar aanwezig zijn? Net als andere wijkbewoners hebben zij de afgelopen decennia in de omgang met ‘buitenlanders’ vele blauwe plekken opgelopen. Over de Turkse ontvangst maak ik mij niet zo veel zorgen. Uit ervaring weet ik dat bezoeken van Nederlanders zeer op prijs gesteld worden. Alleen je komst is al voldoende.
Mijn zorg blijkt onnodig. Als ik precies op tijd bij het Turks huis aankom, blijkt het hele Wijkouderenplatform al aanwezig. In stilte slaak ik een zucht van verlichting. Heimelijk voel ik mij ook wel een beetje trots op deze mensen. Voor verschillenden is het de eerste keer dat zij op ‘vreemde’ bodem zijn. Zij hebben zich niet laten afschrikken door alle spookverhalen in de pers. Ze zitten er en niet alleen dat, ieder is in geanimeerd gesprek met de vertegenwoordigers van de Turkse gemeenschap. Jonge en oudere vrouwen met en zonder hoofddoek, jonge en oudere mannen, alles is aanwezig en zit door elkaar. Alleen dat al is vooroordeel doorbrekend.
Tijdens het officiële gedeelte wordt over gesproken over de huisvesting van oudere migranten in de wijk. Met er aan gewerkt worden dat zij terecht kunnen in de 55+ flats die op dit moment gebouwd worden? Van beide kanten beamen we dat dat niet eenvoudig zal zijn. Er is weerstand bij de oudere bewoners van deze flats en er is weerstand bij oudere Turkse mensen om in dit soort flats te wonen. Er zal nog veel gepraat moeten worden.
In dat gesprek stelt zij haar vraag. De sfeer is ontspannen en open. Zij vertelt dat ze graag in contact wil komen met oudere Turkse vrouwen. Zij is benieuwd naar haar levensverhalen. Wie zijn jullie, wat hebben jullie meegemaakt? Van haar kant wil zij graag helpen om hen in de Nederlandse samenleving wegwijs te maken. Ze heeft het niet aangedurfd om zo maar iemand daarop aan te spreken, maar misschien kunnen de aanwezige Turkse vrouwen haar aan een adressen helpen.
Haar vraag ontroert mij. Een oude krakende stem die de weg wijst in het huidige debat over integratie, waarin alleen maar met macho woorden gescoord lijkt te worden. Zo moet het: uitnodigend, hartelijk, betrokken en warm. We spreken af dat we op haar vraag nog een keer terug zullen komen.
Als na afloop ook nog één van de Turkse vrouwen aangeeft de volgende bijeenkomst van het ouderenplatform te willen bezoeken, ga ik geïnspireerd en met hoop naar huis.
At Polhuis
