Website At Polhuis


Kroniek april 2003

De afgelopen weken zijn in de gemeente groothuisbezoekavonden georganiseerd. De voorbereidingsgroep was gespannen en benieuwd hoe deze zouden verlopen. Dit jaar was immers een thema gekozen dat mogelijk tot verhitte discussies zou kunnen leiden: gastvrijheid. Waarvoor gevreesd werd, gebeurde niet. Tijdens de avonden was er wel kritiek op de aanpak van de overheid. Deze werd als te ‘soft’ ervaren. Het gevolg is dat van de gastvrijheid misbruik gemaakt is. Dat we als samenleving gastvrij dienen te zijn, werd niet in twijfel getrokken. Verder kwam de angst voor de Islam ter sprake. In het verslag van één van de avonden staat het volgende: ‘Daarover pratend kwam ook de invloed of het gevaar van de Islam naar voren. Daarvoor zijn de meesten toch wel een beetje bang omdat men de indruk krijgt overruled te worden door fanatiekelingen die met eigengemaakte regels en wetten die niet op de Koran gebaseerd zijn dwang proberen op te leggen aan allereerst vrouwen en meisjes en de mannen op roepen tot de heilige oorlog’. Het gaat dus niet om angst voor de Islam, maar om angst voor een bepaalde uitleg van de Koran.

Ik lees en hoor de verslagen als de oorlog in Irak begonnen is. In de aanloop naar het conflict is ook in Nederland de zorg uitgesproken voor de verhouding tussen de Nederlandse en Islamitische gemeenschap. De verhoudingen die toch al onder druk staan, zouden door de oorlog wel eens verder kunnen verslechteren. Onwillekeurig heb ik de afgelopen dagen naar mijn overbuurman gekeken: de Marokkaanse slager. Net als andere dagen zie ik zo af en toe een Nederlandse wijkbewoner naar binnen gaan. Als ik langs kom, zwaait de eigenaar naar mij. Het is tekenend voor de rest van de wijk. Via anderen hoor ik dat er nergens in de wijk sprake is van enige spanning, anders dan daarvoor.

Ik vind dat opmerkelijk. Ondanks alle heftigheid van het de afgelopen maanden in Nederland gevoerde debat, zijn het nog altijd de gematigden die de overhand hebben. Het zijn mensen die – om met de woorden van het verslag te spreken – niets moeten hebben van fanatiekelingen. Dat geldt voor alle wijkbewoners. Heethoofden heb je overal, maar bepalend zijn zij niet. Dat is een conclusie die in alle voorzichtigheid op dit moment getrokken kan worden. Een compliment voor de wijk en de bewoners!

Deze conclusie betekent niet dat we nu tevreden achterover kunnen leunen. Voordat je het weet, kan de stemming in eens omslaan. De ‘fanatiekelingen’ kunnen de wind in de rug krijgen als zij niet gehoord of weersproken worden. Dat geldt voor alle partijen. Als christelijke gemeente dienen we daarom uiterst kritisch te zijn op het gebruik van de naam van God en het beroep op de bijbel ter rechtvaardiging van deze oorlog. Waar dat gebeurt, dient er tegenspraak te zijn. Christelijk geloof mag niet met de Amerikaans/Britse zaak verbonden worden. Elke schijn moet vermeden en bestreden worden dat het een kruistocht van de Christenen tegen de Islam is. Het siert de gemeente als zij juist nu laat zien dat zij niet tegen Islamieten is. Als het van haar afhangt, houdt zij vrede met alle mensen. In haar handelen en dat van haar leden is er niets dat het gelijk van de ‘fanatiekelingen’ bevestigt. Jeremia koopt als teken van zijn geloof in de toekomst een akker. Dan kunnen wij toch op zijn minst een keer een kippenboutje bij de Marokkaanse slager kopen?

At Polhuis