Kroniek oktober 2002
Ik was er een aantal weken niet geweest, in Pendrecht Noord. De aanblik is troosteloos. In korte tijd zijn hele flatgebouwen verdwenen. Zo hier en daar wonen nog mensen in de slooppanden. Illegaal of legaal, het is aan de buitenkant niet te zien. Prettig lijkt het mij niet. Waar ruim 10 jaar over gesproken is, wordt nu zichtbaar. Dit is nog maar het begin. Vanaf metrostation Slinge tot aan Slingendaal verdwijnt een hele strook. Terwijl de afbraak aan deze kant begonnen is, is deze voor de andere kant van Pendrecht aangekondigd. Eind juni werden de plannen gepresenteerd. Ongeveer 30 flatgebouwen tussen de Metrolijn en Sonneburgh zullen gesloopt worden. Een enorme operatie die ongetwijfeld jaren zal duren. Pendrecht zal de komende decennia in het teken staan van bouw en herbouw.
Fietsend door de verlaten straten van Pendrecht Noord hoor ik in mijn gedachten de stem van Lotte Stam-Beese, de ontwerpster van de wijk. Zij legt uit wat zij met Pendrecht beoogde. Zij spreekt met een zwaar Duits accent. Op zich vind ik dat al opmerkelijk. Zo vlak na de oorlog is het een Duitse die meehelpt de stad Rotterdam weer op te bouwen. Ik weet wel dat zij al ver voor de oorlog naar Nederland gekomen is,maar toch. Haar ideaal is een wijk waar het voor arbeiders goed wonen is. In de beste socialistische bouwtraditie moeten dan twee zaken gecombineerd worden. Enerzijds moest de woonomgeving licht en ruim zijn. Begrijpelijk als je woonpakhuizen zag waarin arbeiders in de oude wijken gehuisvest werden. Aan de andere kant moesten de arbeiders geholpen worden in de anonimiteit van de grote stad het spoor niet bijster te raken. Daarvoor was overzichtelijkheid een voorwaarde. Beide uitgangspunten heeft Stam-Beese bij de opzet van Pendrecht verwerkt. Op straatniveau moest de wijk doorzichtig blijven. Het liefst had zij alle flatgebouwen op palen gebouwd. Dan was er op straatniveau een onbelemmerd doorzicht geweest. Dat plan heeft het niet gehaald. Het werd te duur bevonden. Revolutionair voor die tijd was, dat zij koos voor gemeenschappelijke tuinen. Geen privé tuinen voor degenen die beneden woonden, maar voor ieder toegankelijke tuinen. Daarnaast ontwierp zij kaarsrechte straten. Misschien is het u nooit opgevallen, maar elke straat in Pendrecht is recht. Op die manier was het mogelijk van de ene kant van de wijk naar de andere kant te kijken. Om arbeiders houvast in hun leven te geven ontwierp zij eenheden in de wijk, de zogenaamde stempels die Pendrecht bekend maakten. Ieder stempel had zijn flats, eensgezinswoningen en winkels. Zo konden jonge gezinnen, ouderen bij elkaar wonen met hun eigen voorzieningen. Na de voltooiing gold Pendrecht als een voorbeeld voor velen in Europa. Velen kwamen de wijk bezichtigen. Wat belangrijker was, was evenwel dat zeer velen met groot plezier in de wijk wonen en woonden. Dat zou Stam-Beese grote voldoening gegeven hebben, mijmer ik al fietsend.
Rechtsaf sla ik Sommelsdijkstraat in op weg naar het begin van de nieuwbouw. Dan zie ik, nog even achterom kijkend, het huis van dokter Hefting. Het ligt wat verscholen. Het is ook verwaarloosd. Voor zeer velen die in de nu afgebroken huizen gewoond hebben, is deze plek zeer vertrouwd. Hier kwamen zij met hun vreugde en vooral hun verdriet en zorg. De verhalen die ik over de dokter hoor zijn legio. Meer dan enig ander is hij met de eerste periode van dit deel van de wijk verbonden. Nog even en dan staat ook dit huis met zijn vele herinneringen er niet meer.
Dat er wat in Pendrecht moest gebeuren, daar twijfel ik niet aan. De problemen zijn groot. Toch ben ik er niet zo zeker van of de oorzaak daarvan ligt in het huidige woningaanbod. Het zou niet toereikend zijn voor wat er nu gevraagd wordt. Zou het ook niet kunnen zijn dat nu de tol betaald wordt voor een jarenlang gedogen van allerlei misstanden? Om de verloedering op te heffen wordt nu voor sloop en duurdere nieuwbouw gekozen. Het falen van organisaties wordt zo toch afgewenteld op de bewoners? Het duurt immers zeer vele jaren voordat Pendrecht weer wat tot rust komt. Velen van de huidige bewoners kunnen er dan niet meer terecht. Het is voor hen te duur geworden.
Hoe Lotte Stam over de huidige plannen gedacht zou hebben is louter speculeren. Ik ga dat niet doen. Wel merk ik dat deze gedachten bij mij boven komen als ik aan haar en haar schepping denk. Het is de bewogenheid van haar, die mij aanspreekt. Een bewogenheid die ik ook bij Hefting herken. Bewogenheid met mensen die maatschappelijk zwak zijn; je er voor inspannen dat ook zij deel van leven hebben. Ik zou wel willen dat iets van dat verdwijnende Pendrecht in het nieuwe bewaard blijft. Al was het maar door het vernoemen van een flat of plein naar hen, als versteende herinnering aan wat hen bezielde.
At Polhuis
