Website At Polhuis


Kroniek november 2000

Deze week was het dan eindelijk zo ver. ’s Morgens vroeg kwam het materieel om de grond naast de kerk bouwrijp te maken. Over een paar weken gaat het heien beginnen. Over ongeveer 20 maanden moeten de eerste bewoners in de flats van Humanitas wonen. Voor velen in de wijk is het een vreugde dat het werk nu echt gaat beginnen. Ik ken verschillende mensen die al geruime tijd wachten. Hun zorg was of de bouw voor hen wel op tijd zou zijn. Nog langer uitstel zou betekenen, dat een verhuizing naar buiten Rotterdam of Pendrecht noodzakelijk zou worden. Anderen zullen zich verbijten dat de bouw begonnen is. Ik denk dan met name aan de bewoners van de Karel de Stoute flat. Hun uitzicht zal zeker belemmerd worden. Er is van alles aan gedaan om de plannen te wijzigen. Het gaat toch door. Voor hun neus zal een kolos van 24 etages verschijnen en daarnaast een flat van nog eens 10 etages. Leuk is het niet. Zo roept één en dezelfde aktie totaal verschillende reacties op. Ik benijd de politiek verantwoordelijken niet, die de beslissing uiteindelijk moeten nemen. Het wegen van de belangen is geen eenvoudige zaak.

Een paar weken daarvoor had ik een gesprek met een ouder gemeentelid die al vanaf zijn jeugd in Pendrecht woont. Het was de tijd dat er nog geen sprake was van Pendrecht. Waar nu de wijk is, was weiland, bouwland. Enthousiast vertelde hij hoe het vroeger geweest was. Tevergeefs probeerde hij mij uit te leggen hoe de wegen liepen en de inrichting van het gebied er uit zag. Hoezeer ik mijn best deed, het lukte niet. De huidige bebouwing van Pendrecht kreeg ik niet uit mijn gedachten. Wel begreep ik dat de ingrijpende verandering hem en zijn familie pijn gedaan had. Dat betrof niet alleen de vele processen die voor de onteigening van de grond noodzakelijk waren. De vergoeding voor de grond verzacht de pijn wel wat, maar niet het gemis van datgene waar je aan gehecht bent. Dat is onherstelbaar verdwenen.

In de tijd dat hij streed voor het behoud van wat hem dierbaar was, waren er velen die niet konden wachten totdat Pendrecht opgeleverd zou worden. Ook hun verhalen hoor ik. Jarenlang inwoning bij ouders, maar dan nu toch uitzicht op een eigen woning. Het geluk daarover is nog in de wijk aanwezig. De tevredenheid met het huis en de buurt is getuige de cijfers nog altijd hoog in Pendrecht. Weinigen zullen zich in die tijd gerealiseerd hebben dat hun komst door de oorspronkelijke bewoners niet met vreugde werd begroet.

In de jaren vijftig wogen de belangen van de komende bewoners zwaarder dan de reeds gevestigden. In onze dagen is dat niet anders. Na ruim veertig jaar is de buurtssamenstelling ingrijpend veranderd. Ik weet niet of dat ook voor de stad in zijn geheel geldt. Wel is het waar dat in de stad de bevolkingssamenstelling ingrijpend in deze jaren gewijzigd is. De leeftijdsopbouw van het Nederlandse bevolkingsdeel is hoog. De stad verkleurt. De stad wordt niet alleen zwarter, maar ook grijzer. Opnieuw vragen deze mensen voor hen geschikte woningen. Dat leidt tot flats zoals die van Humanitas. In het politieke besluitvormingsproces moet daar rekening mee gehouden worden.

Zo verandert de stad voortdurend, zo zal Pendrecht ook voortdurend weer veranderen. Nu al is te voorspellen dat over pakweg 40 jaar de flats van Humanitas verouderd zullen zijn. Er zal dan opnieuw, aangepast aan de bevolkingssamenstelling van dan, gebouwd en veranderd worden. Opnieuw zullen er dan mensen blij zijn, maar ook zal er teleurstelling en onbegrip van anderen zijn. Opnieuw zullen de politiek verantwoordelijken een lastige afweging moeten maken. De processen herhalen zich. Dat maakt het leven in de stad lastig, maar zeker ook boeiend.

At Polhuis