Psalm 113
Voor wie hoog verheven is, is al het andere lager en geringer dan hijzelf. Dat kan van God gezegd worden. Hij is verheven boven alle volken. Hij woont zeer hoog. Hij is op het toppunt van zijn macht. Hij torent ver boven alle anderen uit. Hij heeft bereikt wat menigeen van ons wil bereiken. Wij verkeren graag in hoge kringen, als het niet letterlijk kan, dan maar in figuurlijk. Is dat de reden dat wij deze God loven, meer dan alle andere goden? Omdat Hij hoger, sterker en machtiger is dan zij?
Dan maakt de psalm een voor het bijbelse getuigenis kenmerkende beweging. De in hoogheid gezeten God, keert zich niet hooghartig af van hen die beneden Hem gesteld zijn. Zij zijn er niet ter meerdere eer en glorie van Hem, maar Hij is er ter meerdere eer en glorie van hen. Hij ziet zeer laag neer. Dat is de grootheid van deze God, waardoor Hij de lof van zijn knechten waard is.
Wie wil weten hoe hij of zij voor deze God er voor staat, kijke in het aangezicht van de geringe en onvruchtbare. Zij herinneren ons aan de lage staat, die wij voor God hebben; niet bij machte een levende toekomst voor onszelf te creƫren. De arme en geringe herinneren ons er aan, dat elke illusie ons ontnomen is zelf voor God iets in te brengen. Net als zij leven wij van de genade. Ons wordt leven en toekomst aangeboden, omdat Hij naar ons omgezien heeft. Daarom loven Zijn knechten Hem.
