Website At Polhuis


Psalm 120

Een psalm in angst uitgesproken. Die angst is invoelbaar. De psalmist woont in een situatie die bedreigend voor hem is. Overal om hem heen is vijandschap. In zekere zin roept hij dei vijandschap over zich zelf af. Hij zegt immers andere dingen dan wat men gewend is. Hij ondergaat als zovelen niet aangepasten in onze wereld het lot van afstoting en bestrijding. Hij is de non-conformist te midden van hen die zich conformeren.

Bij de psalmist is er geen spoor van trots op zijn anders-zijn. Het woord angst blijft intrigeren. Zijn anders-zijn heeft niets te maken met morele verhevenheid. Het geheim van zijn non-conformisme is zijn vertrouwen op de Heer. Deze is anders dan alles wat wij kennen. Op Hem vertrouwen maakt de psalmist anders en tegelijk ook angstig. Hij is immers geheel en al op deze vreemde God aangewezen. Van Hem moet zijn heil komen. Daarom roept hij Hem in zijn angst aan.

De psalm brengt ons in een lastig pakket. In het evangelie echoot deze psalm na. Wij zijn wel in de wereld, maar niet van de wereld. Als gelovigen verblijven wij met de psalmist in Mesek en Kedar. Herkennen we dan ook zijn angst? Of hebben we ons aangepast? Spreken we ongemerkt met de wereld met een bedriegelijke tong? Leggen we ons neer bij de feiten? Zo is het nu eenmaal. Of spreken we nog woorden van vrede, van Zijn vrede?