Commentaar (Demjanjuk)

Ruim anderhalf jaar duurde het proces tegen Demjanjuk. Hulde aan Trouw en met name Wim Boevink, die gedurende die periode regelmatig op persoonlijke wijze verslag uitbracht van de voortgang van het proces. Indrukwekkend waren de pleidooien van de vertegenwoordigers van de Nederlandse slachtoffers. Zeker, tegen Demjanjuk, maar vooral om Sobibor niet te doen vergeten. Demjanjuk werd veroordeeld. Dat riep bij deze vertegenwoordigers voldoening op. Toch bleef er iets bij hen knagen. Gedurende het hele proces was Demjanjuk zwijgend aanwezig geweest. Op geen enkele uitnodiging het woord te voeren ging hij in. Daar hadden de overlevenden op gehoopt. Op vooral één woord hadden zij gehoopt: spijt. Dat woord had de wond niet genezen, maar de pijn wel verzacht. Er is recht gesproken, maar de afloop van het proces bleef onbevredigend.

Tijdens de slotfase van het proces werd Bin Laden neergeschoten. Ook verantwoordelijk voor misdaden tegen de menselijkheid. Onmiddellijk na zijn executie ontstond de discussie over de rechtmatigheid van deze daad. Was het juridisch niet juister geweest als hij voor de rechter gebracht was en zich daar had moeten verantwoorden?

Mijn verstand zegt daar ja op. Opkomen voor de rechtstaat, betekent schuldigen voor de rechter brengen, ook als het om Bin Laden gaat. De gang van het proces tegen Demjanjuk doet mij aarzelen. Stelt u zich eens voor. Bin Laden voor de rechter. Zou hij dat doen waar de slachtoffers van zijn daden op hopen? Zou hij een woord van medeleven of spijt uitspreken? Ik betwijfel dat. Het uitblijven daarvan zou de nabestaanden, net zoals nu in München, pijn doen.

Er komt nog iets bij. Demjanjuk werd in München met verve verdedigd. Zijn advocaat trok, in de woorden van Wim Boevink, alle registers open om de onschuld van zijn cliënt aan te tonen en de schuld in de schoenen van het systeem te schuiven, waarbinnen Demjanjuk werkte. Dat ging er hard aan toe. Feiten waren daarbij niet heilig. Dat moet wel kwetsend geweest zijn voor de nabestaanden.

Ik ontzeg een advocaat het recht niet om dat alles te doen. Opnieuw stel ik mij een eventueel proces tegen Bin Laden voor. Advocaten die er alles aan doen hem als vrijheidsstrijder neer te zetten die het opneemt tegen een onderdrukkend en wreed regiem. Hoe zou dat bij de nabestaanden overkomen? Niet alleen iemand verloren, maar ook nog eens, in de optiek van de verdediging, terecht omdat zij deel uitmaken van een fout systeem.

Het proces tegen Demjanjuk heeft mij aan het twijfelen gebracht, of een proces tegen Bin Laden wel zo wenselijk was geweest. Ik had het nooit gedacht, maar ik kan de executie van hem, zonder rechtsgang wel billijken. Zo had voor mij het proces tegen Demjanjuk onverwacht voor mij een actuele waarde.

(In de Waagschaal, 4 juni 2011, Nw. Jaargang 40, nr. 8)