Commentaar (Numeri)

Voorafgaande aan de behandeling van het Numeri-echec in de kleine Synode van onze kerk publiceerde Trouw een interview met Prof. Chris Verhoef, informatica deskundige. Hij veroordeelde in stevige, vernietigende bewoordingen de gang van zaken rond dit project. Niet alleen dat, hij veegde ook de plannen voor het vervolg van tafel; ´amateuristisch, gebrek aan volwassen opdrachtgeverschap´.´s Avonds bleek dat de kleine Synode gelukkig gevoelig was voor zijn waarschuwingen. De verantwoordelijken voor de kerkelijke kapitaalvernietiging van 3 miljoen mogen blijven zitten, maar mogen niet zonder meer doorgaan met een nieuw project, waar al vanaf het begin vraagtekens bij staan. In november moet er een goed onderbouwd rapport liggen hoe verder gegaan wordt.

Naast alle ergernis over de omgang van de kerkleiding met het eigen falen, riep het interview nog een vraag bij mij op. Hoe kan het nu gebeuren dat Trouw een deskundige aan het woord laat, die kennelijk door de kerk niet gehoord of geraadpleegd is? Ik weet niet of Verhoef lid is van de PKN. Hij is in ieder geval wel verbonden aan een instelling die verwantschap heeft met de kerk. Hij is vast niet de enige deskundige. Er zullen ongetwijfeld binnen de lidmaten van de kerk nog wel andere deskundigen zijn.

Ik denk dat dat een symptoom is van de huidige bestuurscultuur van de kerk. Om het kort samen te vatten. Numeri is niet een probleem van de kerk, maar van het Dienstencentrum. Niet de kerk, maar het dienstencentrum moet dat oplossen. Daarvoor moet kennis in huis gehaald worden. Nieuwe beroepskrachten, die in hun isolement hun kracht zoeken. Wat voor Numeri geldt, geldt ook voor andere dossiers. Het Dienstencentrum heeft de kennis en de kerk en gemeenten worden met die kennis gevoed. In die gedachtengang kan het gebeuren dat de in de kerk aanwezige kennis gewoon niet gezien wordt. Er wordt geen gebruik van gemaakt. Men kan het zelf wel, of denk dat men het zelf zou moeten kunnen.

Het zou goed zijn als het Numeri-debacle ook zou leiden tot een hernieuwde discussie over het functioneren van het Dienstencentrum in de kerk. Ik pleit in dat verband voor een netwerkachtige organisatie. Landelijk wordt bijgehouden welke kennis er in de landelijke kerk en in de gemeenten aanwezig is. Die kennis wordt op dossiers gemobiliseerd en ondersteund door een betaalde secretaris. Grondgedachte van zo´n organisatie is dat de kennis in de kerk is en niet in het Dienstencentrum. In zo´n organisatie waren mensen als Verhoef allang betrokken geweest bij de ontwikkeling van een elektronisch ledenbestand. Dat zou overigens geen garantie geweest zijn voor het slagen. Ook in een netwerkorganisatie gaan dingen mis, maar dan kan voorkomen worden wat nu gebeurt. Nu krijgt het Dienstencentrum de schuld en is de kloof met de gemeenten alleen maar groter geworden. Een zorgwekkende ontwikkeling! In een netwerkorganisatie ligt de verantwoordelijkheid principieel en feitelijk in de kerk zelf. En zo hoort het!