Kwaliteitssprong Zuid

 

Dinsdag 4 september 2012 publiceerden twee VVD raadsleden van Rotterdam een artikel in Trouw. In dat artikel kritiseren zij het rapport waarin maatregelen staan die de situatie in Rotterdam-Zuid moeten verbeteren. Dit rapport is de eerst uitwerking van het Nationaal Programma Rotterdam-Zuid. Dat programma is opgesteld naar aanleiding van een rapportage van de cie Deetman/Mans. Op dit artike schreef ik een reactie. Onderaan mijn reactie treft u een link aan naar het artikel in Trouw.

Enige tijd geleden kwamen Deetman en Mans de situatie in Rotterdam-Zuid opnemen. Hun bevindingen legden zij vast in een rapport. Door de officiële woorden klinkt heen, dat zij zich rot geschrokken zijn. Zo schrijven zij: ‘Zuid kent een omvangrijke stapeling van sociaal-economische problemen in het zwakste deel van de woningmarkt in Nederland. Deze stapeling van problemen is qua omvang en intensiteit ongekend op Nederlandse schaal.’ In hun rapport bepleiten zij een kwaliteitssprong voor Zuid. Daarvoor is een Nationaal programma nodig. Bedragen noemen zij in hun rapport nauwelijks, met één veelzeggende uitzondering. De komende jaren is ongeveer 40 miljoen per jaar nodig om verouderde woningen op te knappen of te vervangen.

Voor de VVD raadsleden Van de Donk en Verheij hoeft dat allemaal niet. Zuid kan, zo schrijven zij, ‘goed zonder Nationaal Programma om stapjes vooruit te maken’. Ik kan mijn ogen niet geloven. Menen zij dat werkelijk?

Beide raadsleden reageren op het eerste uitvoeringsprogramma dat na het rapport van Deetman/Mans geschreven is. Daar is inderdaad iets mee aan de hand. Voor scholing zijn veel maatregelen voorgesteld, bij het thema werk wordt dat al minder. De plannen voor een grondige herstructurering stellen ronduit teleur. De beide VVD raadsleden hebben daarin gelijk. Voor de aanpak van de slechte huizen is geen geld beschikbaar. Daarmee komt het hele plan op losse schroeven te staan. Net als vele andere plannen die al eerder gemaakt zijn, dreigt dit de zoveelste teleurstelling te worden voor de bewoners van Rotterdam-Zuid.

De VVD’ers zetten in hun stuk de tering naar de nering. Er is geen hoop en zicht op een verbetering. Daarom moeten bewoners er maar het beste van maken. Daar moet de overheid maar een handje bij helpen. Meer hebben we niet te bieden. Prima als de overheid dat ook doet, maar als het daarbij blijft, is het een overheid die zich terugtrekt en bewoners in de ‘verkrotting’ achterlaat, ook al hebben zij ter compensatie er een paar jeu de boule banen bij gekregen.

Voorop dient evenwel de aanpak van deze verkrotting te gaan. Ruim tien jaar geleden kwam ik werken in Pendrecht, een wijk op Rotterdam-Zuid. De situatie was alarmerend. Uit de veelal verouderde woningen was een groot deel van de oorspronkelijke bewoners vertrokken. Daarvoor in de plaats kwamen de nieuwe bewoners van Rotterdam, vaak mensen met grote achterstanden op vele gebieden. De wijk holde achteruit. Winkels verdwenen en bewoners die er toe in staat waren ‘vluchten’ weg. Diepe bewondering heb ik in de jaren gekregen voor de inzet van degenen die bleven. Met een ongekend optimisme bleven zij strijden voor hun wijk en buurt. Teleurstelling op teleurstelling incasserend. Zij hielden vol. Zeker, dat is het menselijke kapitaal dat in deze wijken aanwezig is.

Het tij is inmiddels in Pendrecht gekeerd. Dat is zeker mede door hun inzet, maar dat is niet het hele verhaal. Begin van de eeuw waren er bestuurders van de deelgemeente die het opnamen voor de bewoners. Hun inspanningen leiden er toe dat er met de corporaties plannen zijn ontwikkeld om de wijk op te knappen. De resultaten worden nu zichtbaar. Een vernieuwde wijk, waar het ook voor mensen met een kleine beurs goed wonen is. Zonder deze aanpak was dat niet gelukt. Wat voor Pendrecht geldt, geldt voor heel Zuid. Dat hebben Deetman/Mans goed gezien. In hun rapport noemen zij deze wijk als een voorbeeld voor de aanpak van heel Zuid.

Het is voor bewoners van Pendrecht een zegen geweest dat er begin van deze eeuw politici zijn geweest die zich niet neerlegden bij het toen ook al bestaande te kort aan geld. Als zij hadden gehandeld zoals Van de Donk en Verheij nu voorstellen, was Pendrecht nu nog altijd een probleemgebied.

Kortom, hun keus moeten we dus niet maken. Met hen met ik zeer teleurgesteld over het ontbreken van middelen om de situatie op Zuid aan te pakken. Dat geld moet er komen. Om die reden pleiten PvdA politici uit Zuid bij de eigen partij, maar ook bij alle andere politieke partijen in Den Haag het rapport van Deetman/Mans serieus te nemen. We kunnen en mogen ons niet neerleggen bij een situatie die ‘onnederlands’ is. Rotterdam-Zuid is alleen te redden als er een grootscheepse aanpak komt van het verouderde woningbestand. Daarvoor is veel geld nodig en een krachtige minister die het beleid coördineert, met andere woorden: er op toe ziet dat het nationaal programma ‘Kwaliteitssprong op Zuid’ uitgevoerd wordt.

Dat heeft niets met het leven op een roze wolk te maken. Dat heeft te maken met de diepe zorg voor de meer dan 200.000 mensen die op Zuid leven. Om die reden ondersteun ik en verdedig ik met vuur en kracht het manifest dat wij als PvdA politici van Rotterdam Zuid aan de Haagse politici aangeboden hebben. Laat Rotterdam Zuid niet in de steek!

At Polhuis

  

 

Teleurstellend plan voor ‘Zuid’