Zürich-Sexbierum

Hoeveel geluk we eergisteren hadden op de Afsluitdijk merken we eigenlijk pas vandaag goed. Om 11.00 uur staan we op het punt in Zürich waar we na de Afsluitdijk gestopt waren. Karel Ritsma was zo vriendelijk geweest ons met de auto daar naar toe te brengen. Karel en Irma zijn met hun caravan ons in Pingjum komen op zoeken. Zij zullen ons ook aan het eind van de tocht in Sexbierum weer ophalen. We lopen met Karel de dijk over en staan aan de zeekant. De wind is hard. Met enige zorg vraagt hij of we wel zullen gaan. De wind is zo hard dat je je nauwelijks staande kan houden. Integenstelling tot eergisteren hebben we de wind nu schuin tegen. Als dat op de Afsluitdijk ook het geval was geweest… Het regent nog net niet. Dapper besluiten we te beginnen. Letterlijk lopen we schuim tegen de wind in. Dat vraagt kracht. Desondanks genieten we van het uitzicht. De Waddenzee is stevig in beweging. Het doet ons wat denken aan vorig jaar zomer toen we aan de Oostzee in Duisland ook met een krachtige wind wandelden. In de verte zien we Harlingen. Aan de haven kan Elly het niet nalaten poffertjes te eten. We zien boten binnenkomen met jongeren er op. Ze zitten kleumend met handschoenen aan en dikke jassen aan bij elkaar. Met de routebeschrijving in de hand lopen we betrekkelijk snel om Harlingen heen. Het industrieterrein is evenwel iets groter geworden dan in het boekje aangegeven staat. Als we er om heen zijn, zien we de zeedijk weer. Precies op dat punt gaat het regenen. We besluiten aan de landzijde van de dijk te lopen. Dan hebben we nog enige beschutting. Als het weer droog is, ga ik de dijk weer over naar de zeekant. De wind is nog steeds hevig. We worden moe. Ergens even zitten is uitgesloten. In de verte zien we eigenlijk niets. Of het nog ver is naar Sexbierum weten we niet. We leteen op de schapen en de lammetjes en proberen zo veel mogelijk hun uitwerpselen te vermijden todat we dat ook maar opgeven. De laatste kilometers lopen we weer samen. We zien nergens de laan waar we rechtsaf moeten richting Sexbierum. We gokken. Via een pad door het weiland komen we bij een dorp. We hebben geluk dat is Sexbierum. Voor de zekerheid vragen we waar het centrum is. Dat is maar goed ook. Als we op ons gevoel waren afgegaan, waren we precies de verkeerde kant op gelopen. Via de mobiel maken we contact met karel en Irma. Zonder problemen vinden we hen.